close
Naar inhoud springen

Hantavirus

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Hantavirus
BERJAYA
TEM-opname van het Sin Nombre-virus
Taxonomische indeling
Domein:Virussen
Imperium:Riboviria
Fylum:Negarnaviricota
Orde:Bunyaviriales
Familie:Hantaviridae
Geslacht
Orthohantavirus
Afbeeldingen op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Hantavirus op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie

Hantavirussen (geslacht Orthohantavirus) zijn een groep van negatief enkelstrengse RNA-virussen die wereldwijd voorkomen en voornamelijk circuleren onder knaagdieren. De virussen behoren tot de orde Bunyavirales en hebben een gesegmenteerd genoom. Hantavirussen zijn vernoemd naar de Koreaanse rivier de Hantan, waar tijdens de Koreaanse Oorlog voor het eerst een ernstige ziekte-uitbraak onder militairen werd beschreven.

Hantavirussen kunnen ernstige zoönotische infecties bij de mens veroorzaken. Mensen kunnen besmet raken door het inademen van virusdeeltjes uit opgedroogde urine, uitwerpselen of speeksel van geïnfecteerde dieren.[1] Ratten en muizen vormen het voornaamste reservoir. Direct mens-op-menscontact is bij de meeste hantavirussen zeldzaam, maar beperkte transmissie tussen mensen is bekend voor het Andesvirus in Zuid-Amerika.[2]

Er zijn twee belangrijke ziektebeelden:

  1. In Europa en Azië veroorzaken hantavirussen meestal een vorm van nierziekte (in medische termen 'hemorragische koorts met renaal syndroom' genoemd, HFRS). De ziekte begint vaak met koorts, hoofdpijn, spierpijn en misselijkheid, gevolgd door nierproblemen. In Europa verloopt de infectie meestal relatief mild.[3]
  2. In Noord- en Zuid-Amerika veroorzaken de meeste soorten een ernstig longsyndroom: hantavirus cardiopulmonary syndrome (HCPS).[2] Daarbij ontstaat vochtophoping in de longen, ernstige benauwdheid en soms shock. Dit kan levensbedreigend zijn.
BERJAYA
De Hantan, waar het eerste hantavirus werd ontdekt

Het hantavirus werd voor het eerst gesignaleerd tijdens de Koreaanse Oorlog. Van zo'n drieduizend militairen die daar waren ingezet door de Verenigde Naties in de periode 1950-1955[4] is bekend dat ze na infectie met het virus ziek werden. Driehonderd militairen stierven aan de gevolgen van het virus. In 1978 werd het virus in Zuid-Korea geïsoleerd uit een besmet knaagdier Apodemus agrarius, in de buurt van de rivier de Hantan. Op dat moment kreeg het virus de naam Hantaan virus.[5]

In 1993 veroorzaakte het hantavirus de dood van tientallen mensen in de Verenigde Staten, leden van het Navajo-volk,[6] nadat ongewoon nat weer in het zuidwesten van het land leidde tot een significante toename van de muizenpopulatie. Mensen raakten besmet door het inademen van sporen afkomstig van de urine en uitwerpselen van besmette knaagdieren.

In april en mei 2026 overleden ten minste drie personen na een uitbraak van het hantavirus op het Nederlands cruiseschip MV Hondius in de zuidelijke Atlantische Oceaan.[7][8]

Infectie en ziekteverloop

[bewerken | brontekst bewerken]

In Nederland komen drie hantavirussen voor waar mensen ziek van kunnen worden, maar door een besmetting treden meestal geen ernstige symptomen op,[1] meestal griepachtige klachten,[9] en soms nier- of leverklachten.[10] De drie soorten zijn:

De meest ziekmakende van deze drie is het Puumalavirus.[1]

In andere delen van Europa komen andere varianten voor. De variant die in de Balkanlanden voorkomt, het dobravavirus, veroorzaakt vaker een ernstiger ziekteverloop.

Hantavirussen die in Noord- en Zuid-Amerika voorkomen, kunnen ernstigere ziekte veroorzaken. Het Andesvirus kan hoge koorts en ademhalingsproblemen veroorzaken, met ernstige longproblemen en hartfalen.[1] Ook de Sin Nombre-variant veroorzaakt ernstige symptomen.[10] Er zijn in 2026 aanwijzingen dat het Andesvirus van mens tot mens overdraagbaar is,[1][2] maar waarschijnlijk alleen bij langdurig en intensief contact, zoals tussen partners of huisgenoten.[11] Het lijkt erop dat de besmettelijkheid het hoogst is in het begin van de infectie.

Epidemiologie

[bewerken | brontekst bewerken]
BERJAYA
De transmissie van hantavirussen, van knaagdier op mens

Wereldwijd komen jaarlijks naar schatting 10.000 tot 100.000 besmettingen of meer voor, de meeste in Azië en Europa.[2] Vooral in China en Korea zijn veel besmettingen, vele duizenden per jaar.[11] In Europa gaat het om enkele duizenden gevallen. De meeste besmette mensen in Europa doorstaan de besmetting. De sterfte door besmetting met een in Europa voorkomend hantavirus varieert tussen minder dan 1% en 15%.[1][11] In Noord- en Zuid-Amerika zijn de besmettingen zeldzamer, maar de gevolgen veel ernstiger. De kans op sterfte bedraagt daar tot 50%.[2]

Infectie met het virus vindt voornamelijk plaats door het inademen van zwevende virusdeeltjes, afkomstig van ontlasting, urine en bloed[12] van knaagdieren. Ook contact met speeksel door een beet van een besmet knaagdier kan leiden tot een infectie.[1] Het virus kan twee weken overleven in de uitwerpselen van knaagdieren.[1] Door het schoonvegen van een ruimte waar ontlasting van de knaagdieren ligt, kan het stof opwaaien en geïnhaleerd worden.[2] Ook slapen in een ruimte waar knaagdieren leven kan een besmetting veroorzaken.[11]

Overdracht van mens-op-mens vindt waarschijnlijk niet of nauwelijks plaats. Tussen blootstelling en het optreden van symptomen (de incubatietijd) kunnen enkele dagen tot zestig dagen zitten, maar meestal bedraagt de incubatietijd 2 tot 4 weken.[1] Niet iedere besmetting leidt tot het optreden van ziekteverschijnselen. Soms wordt een persoon niet ziek na een besmetting en krijgt het virus nagenoeg geen kans om het immuunsysteem van het menselijk lichaam aan te vallen.

Hoewel iedereen een hantavirusinfectie kan oplopen, is de kans klein; het risico is groter voor mensen die wonen of werken in landelijke of bosrijke gebieden, zoals boeren[13], bosarbeiders[13] en anderen die (beroepsmatig) in contact komen met knaagdieren of hun uitwerpselen, bijvoorbeeld in oude gebouwen.[14] Een onhygiënisch omgeving met veel knaagdieren vergroot de kans op besmetting.

De diagnose van hantavirusinfectie wordt meestal gesteld met serologie of PCR. De aanwezigheid van IgM-klasse antilichamen of een viervoudige stijging in IgG-titer worden gezien als bewijs voor een recente besmetting. Laboratoriumonderzoek toont vaak trombocytopenie, verhoogde hematocrietwaarden, ontstekingswaarden en afwijkende nierfunctie. Radiologisch kunnen bij pulmonale vormen diffuse bilaterale longinfiltraten zichtbaar zijn.

Klinische verschijnselen

[bewerken | brontekst bewerken]

Het hantavirus-cardiopulmonaal (hart en longen) syndroom kenmerkt zich door een hoge hartslag en snelle ademhaling bij een acute respiratory distress syndrome (ARDS)-longbeeld. Het heeft een hoge mortaliteit.

De hemorragische koorts met renaal syndroom kenmerkt zich door koorts, bloedingsneiging, lage bloeddruk en nierinsufficiëntie. Het ziektebeloop kan variëren van mild tot snel dodelijk.

Het ook in Europa voorkomende puumalavirus geeft koorts, flankpijn, buikpijn, misselijkheid en braken, bloedingen van het oogbindvlies, hoofdpijn en trage hartslag. Het puumalavirus wordt overgebracht door de rosse woelmuis (Clethrionomys glareolus).