1807
Uiterlijk
| 1807 | ||
| Eeuwen: | 18e eeuw · 19e eeuw · 20e eeuw | |
| Decennia: | 1790-1799 · 1800-1809 · 1810-1819 | |
| Jaren: | << · < · 1806 · 1807 · 1808 · > · >> | |
| Ab urbe condita: | 2560 MMDLX | |
| Armeense jaartelling: | 1256 – 1257 ԹՎ ՌՄԾԶ – ՌՄԾԷ | |
| Chinese jaartelling: | 4503 – 4504 癸寅 – 甲卯 | |
| Christelijke jaartelling: | 1807 MDCCCVII | |
| Ethiopische jaartelling: | 1799 – 1800 | |
| Hebreeuwse jaartelling: | 5567 – 5568 | |
| Hindoekalenders: | ||
| - Vikram Samvat | 1862 – 1863 | |
| - Shaka Samvat | 1729 – 1730 | |
| - Kali yuga | 4908 – 4909 | |
| Iraanse jaartelling: | 1185 – 1186 ۱۱۸۵ – ۱۱۸۶ | |
| Islamitische jaartelling: | 1221 – 1222 ١٢٢٢ – ١٢٢١ | |
| Maçonnieke jaartelling: | 5806 – 5807 | |
| Lijst van landen | ||



Het jaar 1807 is het 7e jaar in de 19e eeuw volgens de christelijke jaartelling.
Gebeurtenissen
[bewerken | brontekst bewerken]- januari
- 1 - In de Nederduits Gereformeerde Kerk wordt de liedbundel met Evangelische Gezangen in gebruik genomen als aanvulling op de psalmberijming van Dateen.
- 12 - Leidse buskruitramp: Nabij het Rapenburg vliegt op Koppermaandag een kruitschip met 37 ton buskruit de lucht in. Er vallen 151 doden en ruim 2.000 gewonden. Circa 220 huizen worden verwoest of onbewoonbaar verklaard. De ontploffing is tot in de stad Den Haag te horen. Koning Lodewijk Napoleon bezoekt de plaats van de ramp en geeft duizenden soldaten opdracht om Leiden weer op te bouwen.[1]
- Een Britse vloot onder bevel van admiraal Duckworth vaart de Bosporus op. De Britse linieschepen liggen dreigend voor het Topkapipaleis voor anker en de Britse regering eist dat Turkije de vriendschap met Frankrijk op zal zeggen en de Franse ambassadeur Horace Sébastiani tot persona non grata zal verklaren. Terwijl de Turkse regering en de Britten onderhandelen, brengt het Turkse garnizoen honderden kanonnen en manschappen bijeen. De Britse vloot wordt verjaagd en verliest daarbij twee oorlogsschepen (ongeveer 500 man).
- februari
- 7 - 8 - Slag bij Eylau: Het Franse leger (75.000 man) onder bevel van keizer Napoleon I verslaat bij Eylau in een tweedaagse veldslag het Russisch-Pruisische coalitieleger (80.000 man), onder leiding van generaal Levin August von Bennigsen. Franse troepen van het IV Legerkorps onder bevel van maarschalk Nicolas Jean-de-Dieu Soult, rukken in de middag op over de ijzige weg naar Eylau. De stad wordt verdedigd door de Russische troepen van de 4e Divisie onder bevel van generaal Michael Andreas Barclay de Tolly. Ze hebben zich verschanst langs een verdedigingslinie, versterkt met barricades. Tegen de avond breken er hevige gevechten uit bij de begraafplaats van de stad. Uiteindelijk veroveren de Fransen de begraafplaats met een bajonetaanval. Ze moeten deze verdedigen tegen een vergeefse Russische tegenaanval, aangevoerd door Barclay – die tijdens de gevechten ernstig gewond raakt. De hevige straatgevechten gaan door tot diep in de nacht, maar uiteindelijk zegevieren de Fransen – met ongeveer 4.000 slachtoffers aan beide kanten. Vervolgens plunderen Franse troepen Eylau voor voedsel en brandhout. Vele Russische soldaten moeten in open velden slapen, slechts gehuld in hun grijze overjassen, en het is hen verboden vuur te maken. In de ochtend, op de tweede dag van de slag, openen Russische kanonnen een massaal bombardement. De Franse artillerie beantwoordt de Russen met gelijke munt. Het is het grootste gecombineerde artillerieduel (ongeveer 540 kanonnen) dat de wereld ooit heeft gezien. Het duurt bijna drie uur. Ondertussen arriveren Franse troepen (15.000 man) van het III Legerkorps onder bevel van maarschalk Louis Nicolas Davout op het slagveld, gestationeerd op de linkerflank van de Russen. Maar voordat ze kunnen aanvallen, worden de Fransen overrompeld door een Russische cavaleriebrigade. Na felle bajonetgevechten worden de Russen teruggedreven. Om 8.00 uur, geeft Davout (bijgenaamd de "IJzeren Maarschalk") het bevel voor een frontale aanval. De Russen zijn gelegerd op een heuvelrug (versterkt met artillerieondersteuning). De divisies van Davout lijden hevige verliezen en moeten zich terugtrekken. Napoleon geeft maarschalk Pierre Charles Augereau orders om aan te vallen met het VII Legerkorps (12.000 man), ondersteund door Franse troepen onder bevel van generaal Louis Vincent de Saint-Hilaire. Gehinderd door een hevige sneeuwbui raken de divisies van Augereau van koers en komen terecht midden in een moordend artillerieduel. Eén divisie wordt geconfronteerd met 70 Russische kanonnen, op een afstand van slechts 30 meter. Augereau's paard wordt onder hem gedood. Terwijl de overlevenden van het VII Legerkorps zich terugtrekken, rukken de Russische troepen en cavalerie op. De Fransen worden overrompeld en discipline stort in. Een van de weinige eenheden die ordelijk terugtrekken is het 14e Infanterieregiment (bijgenaamd "de dapperen") vanwege de heldhaftige rol bij Rivoli 10 jaar eerder. Het regiment biedt dapper weerstand, maar wordt afgeslacht – 75% van de soldaten wordt gedood of gewond. Tijdens de gevechten raakt het regiment zijn adelaarsstandaard kwijt. In slechts 30 minuten brengen de Russen Augereau's VII Legerkorps 5.000 slachtoffers toe. Vanaf de begraafplaats bij Eylau ziet Napoleon de catastrofe zich voltrekken. Hij geeft maarschalk Joachim Murat orders met de cavalerie een frontale aanval uit te voeren. Generaal Emmanuel de Grouchy, met zijn dragonders voorop, drijft de oprukkende Russen terug. Ze vinden een opening tussen twee Russische divisies in het centrum en gebruiken die om de verdedigingslinies te doorbreken. Terwijl Murat met zijn cavalerie het hoofdkwartier van Bennigsen nadert, bestookt een Russische batterij de Fransen met kartetsvuur. Tijdens de gevechten raakt generaal Jean-Joseph d'Hautpoul dodelijk gewond. Terwijl de Russische tegenaanval begint, beveelt Murat zijn cavalerie zich te hergroeperen en trekt zich terug. De Russische 4e Divisie is in beweging gekomen om zijn ontsnapping te blokkeren. Napoleon geeft maarschalk Jean-Baptiste Bessières bevel Murat (ingesloten door de Russen) met cavalerie van de Keizerlijke Garde te ontzetten. De Franse ruiters bestormen de Russische carré-infanterieformaties. Ze verjagen de Russische artillerie en banen een weg voor Murat's terugtrekkende cavalerie. Ondertussen arriveren op de rechterflank Franse troepen van het III Legerkorps, met voldoende versterkingen om een grootschalige aanval te lanceren. De Russen trekken zich terug naar een nieuwe verdedigingslinie op de 'Kreege Burge' – een dominante hoogte perfect voor artillerie. Twee uur van chaotische gevechten volgen, waarbij elke Franse opmars wordt beantwoord met een Russische tegenaanval. Maar gesteund door dragonders en de divisie van Saint-Hilaire, weet het III Legerkorps de Russen langzaam maar zeker te verpletteren. Bennigsen ziet zich genoodzaakt zijn laatste reserve in te zetten – de 14e Divisie. Gesteund door cavalerie drijven de Russische troepen de Fransen terug bij Klein-Sausgarten en over de velden daarachter, totdat hun opmars wordt gestuit door Franse artillerie. Om 15.00 uur hervat Davout de aanval, onder Franse druk bezwijkt de Russische linkerflank. Bennigsen verzamelt voldoende troepen om een nieuwe verdedigingslinie in te richten. Maar Franse kanonnen, die naar de 'Kreege Burge' zijn gebracht, open een verwoestend vuur op de geïmproviseerde stellingen. Om 16.00 uur bereiken Pruisische troepen (9.000 man) onder leiding van generaal Anton Wilhelm von L'Estocq het dorp Schmoditten en voeren een tegenaanval uit. Gedurende de volgende drie uur worden de Fransen tot stilstand gebracht en teruggedrongen tot een linie die loopt van het dorp Kutschitten tot bij Anklappen – richting Saint-Hilaires rechterflank bij Eylau. Davout vormt (persoonlijk zelf geleid) op de hoogten van Klein-Sausgarten een batterij van zijn kanonnen. Om 19.00 uur, vertraagd door L'Estocqs achterhoede, bereiken de Franse troepen (15.000 man) van het VI Legerkorps onder bevel van maarschalk Michel Ney het slagveld en rukken op tegen de Russische rechterflank. Bennigsen lanceert een tegenaanval, waarvan de gevechten voortduren tot 22.00 uur in de avond. Na overleg met zijn staf, besluit hij zijn troepen terug te trekken. De kozakken dekken de terugtocht, de uitgeputte Fransen merken pas om 3.00 uur 's nachts op dat het Russisch-Pruisische leger vertrokken is. De Russen verliezen ruim 20.000 soldaten gedood of gewond en 16 vaandels. De Fransen verliezen mogelijk 25.000 tot 30.000 soldaten gedood of gewond en 5 vaandels.[2][3][4]
- maart
- 2 - President Thomas Jefferson ondertekent de Act Prohibiting Importation of Slaves, waarmee een verbod wordt ingesteld op het invoeren van slaven in de Verenigde Staten. Binnenlandse slavenhandel blijft toegestaan.
- 23 - Franse troepen (ongeveer 27.000 man) van het X Legerkorps onder bevel van maarschalk François Joseph Lefebvre beginnen met de belegering van Danzig (huidige Gdańsk). De stad heeft een strategische ligging, met een versterkte haven en 60.000 inwoners. Danzig wordt verdedigd door een Pruisisch garnizoen (14.000 man). Op bevel van Napoleon I begint Lefebvre met het bombardement (met ruim 100 kanonnen) van de stad.[5]
- 29 - De sterrenkundige Heinrich Wilhelm Olbers ontdekt een van de grote planetoïden: Vesta (diameter 390 kilometer).
- april
- 13 - De Wet op het bestuur van de departementen verdeelt het Koninkrijk Holland in tien departementen, die elk zullen worden bestuurd door een Landdrost met zes assessoren.
- 18 - In Warschau treden tot de Rijnbond toe de hertog van Anhalt-Bernburg en vorsten van Anhalt-Dessau en Anhalt-Köthen onder aanname van de hertogelijke titel.
- 18 - In Warschau treden tot de Rijnbond toe de vorst van Lippe en de graaf van Schaumburg-Lippe, de laatste onder de aanname van de titel vorst.
- 18 - In Warschau treedt tot de Rijnbond toe de vorst van Waldeck.
- 18 - In Warschau treden tot de Rijnbond toe de vorsten van Reuss-Ebersdorf, Reuss-Greiz, Reuss-Lobenstein en Reuss-Schleiz.
- 18 - In Warschau treden tot de Rijnbond toe de vorsten van Schwarzburg-Rudolstadt en Schwarzburg-Sondershausen.
- mei
- 24 - Het Pruisische garnizoen in Danzig zich na een belegering van 8 weken over aan de Franse troepen onder leiding van François Joseph Lefebvre. De noordelijke flank wordt veiliggesteld tegen Russische landingen. Napoleon I verleent Lefebvre de titel 'hertog van Danzig'. De belegering kost de Fransen ongeveer 6.000 doden en gewonden. De Pruisen verliezen ruim 3.000 doden en gewonden.[6]
- 25 - Paus Pius VII verklaart Coletta Boillet heilig.
- 29 - De Janitsaren komen in opstand tegen de hervormingen van sultan Selim III. Deze probeert door het terugdraaien van besluiten zijn troon te redden, maar moet toch na een paar dagen aftreden.
- juni
- 14 - Slag bij Friedland: Franse troepen (65.000 man) onder bevel van Napoleon I verslaan bij Friedland een Russische troepenmacht (54.000 man) onder leiding van generaal Levin August von Bennigsen. In de ochtend van 13 juni melden Russische verkenners dat ze bij Friedland een enkel Frans legerkorps hebben aangetroffen. Bennigsen beveelt de Russische voorhoede de rivier de Alle over te steken en de stad te bezetten. Maarschalk Jean Lannes voert het bevel over het legerkorps (26.000 man) en staat tegenover ruim 50.000 Russen. Hij stuurt Napoleon een dringend bericht dat het Russische hoofdleger zijn flank bedreigt. Hij voert een vertragingsactie uit en dwingt Bennigsen om nog meer troepen over de rivier te sturen. Die nacht, bouwen Russische ponteniers drie bruggen bij Friedland om de troepen sneller over de rivier te kunnen verplaatsen. Tegen zonsopgang zijn ongeveer 40.000 Russen de westoever van de rivier de Alle overgestoken. Bennigsen beveelt een aanval op het dorp Heinrichsdorf, om de Franse linkflank te omsingelen. Maar Franse cavalerieversterkingen onder leiding van Emmanuel de Grouchy onderscheppen de Russen. Na meer dan een uur van hevige aanvallen en tegenaanvallen drijft de Franse cavalerie de Russen uiteindelijk terug. Franse troepen van het VIII Legerkorps onder bevel van maarschalk Édouard Mortier arriveren om het Franse centrum te versterken. Ondertussen, vechten Franse grenadiers onder bevel van generaal Nicolas Charles Oudinot in het Sortlack-bos hardnekkig tegen de Russische troepen onder leiding van generaal Peter Bagration. Maar ze zijn in de minderheid en worden teruggedreven. Rond het middaguur arriveert Napoleon zelf, gevolgd door Franse troepen van het I Legerkorps onder leiding van generaal Claude-Victor Perrin – die de gewonde maarschalk Jean-Baptiste Bernadotte vervangt. Bennigsen, die de hele dag al door ziekte geplaagd wordt, beseft dat hij tegenover de volle macht van Napoleons Grande Armée staat en geeft bevel om terug te trekken. Om 17.30 uur begint Napoleon een frontale aanval. De Franse troepen van het VI Legerkorps onder leiding van maarschalk Michel Ney rukken op aan de rechterflank. Ney verdrijft de Russen uit het Sortlack-bos rukt op naar de rivier de Alle. Bagration hergroepeert zijn troepen en lanceert een cavalerieaanval. Door het hevige vuur van de Russische artillerie aan de overkant van de rivier wordt Ney gedwongen zich terug te trekken. Napoleon stuurt het I Legerkorps, gesteund door 30 kanonnen, om Bagration aan te vallen. Het verwoestende effect van de artillerie (op korte afstand) zorgt ervoor dat de Russische verdediging binnen enkele minuten instort, doordat kartetsvuur de gelederen decimeert. Rond 19.00 uur lanceert de Russische Keizerlijke Garde een wanhopige tegenaanval om de Franse opmars naar Friedland te stoppen. De uitgeputte Franse troepen van Ney slagen erin de aanval af te slaan en achtervolgen de terugtrekkende Russen de straten van Friedland in. Ondertussen mengt het Franse centrum en de linkflank zich in de gevechten. Nu de enige vluchtroute bedreigd wordt, raakt het hele Russische leger in paniek en trekt zich in wanorde terug. De Russen lijden hevige verliezen tijdens de terugtocht over de rivier de Alle, waarbij veel soldaten verdrinken. De Franse verliezen bedragen ongeveer 10.000 man, terwijl de Russen minstens 20.000 man verliezen – bijna 40% van Benningsens leger wordt vernietigd.[7][8]
- 15 - Het Pruisische leger evacueert Koningsbergen, Franse troepen van het IV Legerkorps onder bevel van maarschalk Nicolas Jean-de-Dieu Soult bezetten de stad. Tegelijkertijd trekt het Russische leger onder leiding van generaal Bennigsen de rivier de Niemen over naar Rusland. Napoleon I consolideert zijn veroverde gebieden in Pruisen. Koning Frederik Willem III (gedwongen zich in Memel te vestigen) verliest de helft van zijn koninkrijk, waaronder de Poolse gebieden en al het gebied ten westen van de rivier de Elbe.[9]
- 19 - Keizer Alexander I wordt door zijn adviseurs in Moskou dringend verzocht vrede te sluiten met Napoleon I. Hij aanvaardt hun advies en stuurt een gezant om een wapenstilstand met de Fransen te bewerkstelligen. Napoleon verzekert de gezant dat de rivier de Wisła de natuurlijke grens vormt tussen de Franse en Russische invloedssfeer in Eurpoa.[10]
- 25 - Alexander I en Napoleon I ontmoeten elkaar voor het eerst aan boord van een luxieus vlot midden op de rivier de Niemen, vlakbij de stad Tilsit. Het eerste wat Alexander tegen Napoleon zegt, is waarschijnlijk weloverwogen: "Ik haat de Britten net zo erg als jij." Waarop Napoleon antwoordt: "Dan hebben we al vrede gesloten." De twee keizers brengen enkele dagen door met het inspecteren van elkaars legers, het uitreiken van medailles en het bespreken van niet-politieke onderwerpen. Er ontstaat een soort vriendschap, terwijl Frederik Willem III, een voormalige bondgenoot van Rusland, niet wordt uitgenodigd voor de vredesbesprekingen.[11]
- juli
- 7 - 9 - Vrede van Tilsit: Frankrijk, Pruisen en Rusland tekenen een vredesverdrag. Napoleon I en Alexander I sluiten een bondgenootschap tegen het Verenigd Koninkrijk. Het hertogdom Warschau en het koninkrijk Westfalen worden gevormd. De 22-jarige Jérôme Bonaparte, een jongere broer van Napoleon, wordt geinstalleerd als koning van Westfalen. Ook de vrije stad Danzig wordt opgericht (officieel gesticht op 21 juli door Napoleon). Rusland sluit zich aan bij het continentaal stelsel – een handelsblokkade tegen invoer (export vanuit het Verenigd Koninkrijk) van goederen en de weigering van Britse schepen van alle door Frankrijk gecontroleerde havens.[12]
- 22 - Het koninkrijk Saksen staat af aan het koninkrijk Westfalen het ambt Gommern, het graafschap Barby, het ambt Sangerhausen en een deel van het graafschap Mansfeld.
- augustus
- 17 - Met de raderstoomboot Clermont vertrekt ingenieur Robert Fulton uit New York naar Albany, waar hij twee dagen later aankomt. Na deze geslaagde tocht besluiten Fulton en zijn zakenpartner Robert Livingstone het schip commercieel te gaan exploiteren.
- 18 - Napoleon I sticht bij decreet het koninkrijk Westfalen.
- september
- 2 - 7 - Bombardement van Kopenhagen: De Britse vloot bombardeert de Deense hoofdstad Kopenhagen met brandbommen en Congreveraketten om te voorkomen dat de Deense marine in handen valt van Napoleon I. Bij het bombardement wordt ruim 30% van Kopenhagen verwoest en komen er ongeveer 2.000 burgers om het leven. De Denen capituleren daarna, ze komen overeen om de gehele vloot (waaronder 18 linieschepen) en de vlootvoorraden aan de Britten over te geven. Het Deense eiland Helgoland wordt ingenomen en als basis gebruikt voor het smokkelen van Britse goederen naar Europa. Een Brits garnizoen wordt gestationeerd in het vestingwerk Kastellet ("de Citadel").[13]
- 18 - Het Franse Tribunaat komt voor het laatst bijeen.
- 30 - De Bataafse kanonneergalei Noodweer vergaat tijdens een zware storm met 35 opvarenden op de Waddenzee voor de kust van het Bildt.
- november
- 11 - Verdrag van Fontainebleau tussen Frankrijk en het koninkrijk Holland. Holland staat Vlissingen af aan Frankrijk. Holland krijgt Oost-Friesland en de heerlijkheid Jever. Zevenaar, Huissen en Malburgen komen van het groothertogdom Berg aan Holland. De soevereiniteit over de aan de familie Bentinck behorende heerlijkheden Kniphausen en Varel komt aan Holland.
- 15 - Grondwet voor het koninkrijk Westfalen.
- 29 - Napoleons leger trekt Lissabon binnen. Het Portugese koninklijke huis vestigt zich in Brazilië. Dit is een keerpunt in de geschiedenis van dit land.
- december
- 5 - Begin van de Engelse Aanval op Gresik, waarbij de laatste twee linieschepen van het koninkrijk Holland op Java verloren gaan.
- zonder datum
- In Karlovy Vary (Duits: Karlsbad) wordt Becherovka, een beroemd likeurtje, uitgevonden. Het zal waarschijnlijk opgaan in het Duitse Unterberg zodra deze Tsjechische likeur wordt geprivatiseerd.
- Humphry Davy zondert door elektrolyse de elementen kalium en natrium af. Later vindt hij de davylamp voor mijnwerkers en de booglamp uit.
- De bezittingen van het Huis Oranje-Nassau binnen de landen van de Rijnbond worden geconfisqueerd.
Muziek
[bewerken | brontekst bewerken]- Carl Maria von Weber componeert zijn Symfonie nr 1 in C groot en zijn Symfonie nr 2 in C groot
- Bernhard Henrik Crusell componeert Concert No. 3 in Bes voor klarinet en orkest, opus 11
Literatuur
[bewerken | brontekst bewerken]- Johann Wolfgang von Goethe schrijft de eerste verhalen van Wilhelm Meisters Wanderjahre
Bouwkunst
[bewerken | brontekst bewerken]- Kapel OLV van 't Zand, Zandoerle (1807)
Geboren
[bewerken | brontekst bewerken]- januari
- 19 - Robert E. Lee, Amerikaans generaal van de Geconfedereerden (overleden 1870)
- februari
- 3 - Koosje Naret Koning, Nederlands toneelspeelster (overleden 1847)
- 21 - Christoffel Meyer Nap, Nederlands advocaat en politicus (overleden 1886)
- april
- 3 - Christoffel Wilhem Eekhout jr., Nederlands ondernemer en burgemeester (overleden 1864)
- 8 - Ann Pouder, Brits-Amerikaans supereeuwelinge (overleden 1917)
- juli
- 4 - Giuseppe Garibaldi, Italiaans vrijheidsstrijder (overleden 1882)
- 4 - Mariano Guadalupe Vallejo, Mexicaans-Amerikaans militair en politicus (overleden 1890)
- september
- 6 - Abd al-Kader, Algerijns vrijheidsstrijder (overleden 1883)
- 6 - Margaretha Maria Snouck van Loosen, Nederlands filantrope (overleden 1885)
- 7 - Henry Sewell, Nieuw-Zeelands politicus (overleden 1879)
- 17 - Ignaz Lachner, Duits violist, organist, componist en dirigent (overleden 1895)
- 25 - Alfred Vail, Amerikaans uitvinder (overleden 1859)
- november
- 14 - Schelto van Heemstra, Nederlands politicus (overleden 1864)
- december
- 3 - David Alter, Amerikaans arts, natuurkundige en uitvinder (overleden 1881)
- 6 - Thomas van Leent, Nederlands kunstschilder (overleden 1882)
- 16 - Netje Asser, Nederlands dagboekschrijfster (overleden 1893)
- 23 - Antonius Maria Claret, Spaans bisschop en ordestichter; heilige van de Rooms-Katholieke kerk
Overleden
[bewerken | brontekst bewerken]- april
- 10 - Anna Amalia van Brunswijk (67), Duits vorstin
- 28 - Jakob Philipp Hackert (69), Duits kunstschilder
- mei
- 4 - Napoleon Karel Bonaparte (4), oudste zoon van koning Lodewijk Napoleon
- juni
- 16 - Abraham Picard (35), roverhoofdman in de Zuidelijke Nederlanden
- juli
- 13 - Hendrik Benedictus Stuart (82), kardinaal en hertog van York
- augustus
- 3 - Johannes Stephanus Strümphler (70), Nederlands orgelbouwer
- 25 - Edward Preble (46), commodore in de United States Navy
- september
- 20 - Honoré Langlé (~66), Monegaskisch componist, muziektheoreticus en muziekpedagoog
Bronnen, noten en/of referenties
- ↑ Cor van der Heijden (2004). Rampen en plagen in Nederland, 1400–1940. Pestbacillen, paalwormen en plunderende Moskovieters. Kempen Uitgevers, Zaltbommel. ISBN 9066572329.
- ↑ Connelly, Owen (2005). The Wars of the French Revolution and Napoleon, 1792–1815, p. 137. Routledge. ISBN 0-415-23983-4.
- ↑ Petre, F. Loraine (1907). Napoleon's Campaign in Poland 1806–1807, pp. 154–155. London: Lionel Leventhal.
- ↑ Smith, Digby (1998). The Napoleonic Wars Data Book, p. 240. London: Greenhill Books. ISBN 1-85367-276-9.
- ↑ Clodfelter, M. (2017). Warfare and Armed Conflicts: A Statistical Encyclopedia of Casualty and Other Figures, 1492-2015, p. 152. Jefferson, North Carolina: McFarland. ISBN 978-0-7864-7470-7.
- ↑ Clodfelter, M. (2017). Warfare and Armed Conflicts: A Statistical Encyclopedia of Casualty and Other Figures, 1492-2015, p. 154. Jefferson, North Carolina: McFarland. ISBN 978-0-7864-7470-7.
- ↑ Roberts, Andrew (2014). Napoleon, A Life, pp. 452–453. Penguin Group. ISBN 978-0-670-02532-9.
- ↑ Chandler, David G. (1995). The Campaigns of Napoleon, p. 502. Simon & Schuster. ISBN 0-02-523660-1.
- ↑ Chandler, David G. (1995). The Campaigns of Napoleon, p. 515. Simon & Schuster. ISBN 0-02-523660-1.
- ↑ Roberts, Andrew (2014). Napoleon, A Life, p. 457. Penguin Group. ISBN 978-0-670-02532-9.
- ↑ McLynn, Frank (1997). Napoleon: A Biography, p. 355. New York: Arcade Publishing Inc. ISBN 1-55970-631-7.
- ↑ Roberts, Andrew (2014). Napoleon, A Life, pp. 458–459. Penguin Group. ISBN 978-0-670-02532-9.
- ↑ Hannah, P. (2021). A Treasure to the Service, p. 157. Adelaide: Green Hill. ISBN 978-1-922629-73-9.
Zie de categorie 1807 van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.
